Gedicht komt eraan!

 

Wat!

 

Han tegen Piet

dacht ik het niet.

De stukken staan in ’t gelid

als de tanden van een kunstgebit.

Ik zit……….geef een hand

en speel parmant pion d4.

Piet antwoordt fier…….Pf6.

Kurk op de fles.

 

Het zit me toch niet mee.

Het dame paard wil naar d2.

Piet veert op……..hij speelt e5.

Een test?

Hm, denk ik, een soort van Budapest?

Een gambiet, die Piet.

Ik neem het aan.

Loop naar de maan,

d4 slaat e5.

Blijf van m’n lijf.

 

Die Piet, hij vertrekt geen spier

en stuurt zijn paard naar veld g4.

Niet naar g8.

Soldaat op wacht.

Ga terug naar je hok

stomme paarden bok.

Pion h3 speel ik nu snel.

Loop naar de hel,

op hol met die knol.

 

Piet kijkt kalm naar het bord,

denkt, wacht, pakt zijn paard en knort.

Het zweeft een tijdje boven e5 en f2

en dan, dan landt het op 3 é, eh, e3.

Hè! Wat! Dat zag ik nie.

Oh jee, mijn dame naar de ratsmodee,

of kan ik slaan met pion f2?

Nee ook nie.

De dame gaat naar de rand

met schaak

en een zet later is het mat.

Schijt aan de lat.

 

Trillend geef ik Piet een hand

Door emoties overmand

Weer speel ik als een natte krant.

Gat!!!

 

Han Kemperink 

Op het bord

met vele velden

zie ik heg nog steg

Ik vroeg aan mijn tegenstander

weet jij hier nog de weg?

 

Ad van Schie

Gedicht komt eraan!

Gedicht komt eraan!