- Details
Onderstaand de stand van de interne competitie voordat de horeca gesloten werd wegens de coronacrisis. De uitslagen tot en met 10 maart 2020 zijn verwerkt. Ten aanzien van het clubkampioenschap is het nog niet bekend hoe we deze stand moeten gaan interpreteren.

- Details
Dit gemengd mannenkoor heeft een liedje waarin de uitbater van een geliefd etablissement, in een klein plaatsje aan de kust, bezongen wordt om zijn charmante vaardigheden.
Dat is de beroepsmatige kant waarin charme en dollen samenvallen, een combinatie die wel moét leiden tot een lied. Een ander lied waarin de zingende waard zijn gein kwijt kan is, ‘Waarom ruik jij naar kibbeling”.
“Alles smaakt naar azijn”, is een lied waarin hij excelleert met zijn dramatische kwaliteiten.
Daarnaast schaakt de kastelijn ook en nog niet zo heel lang. Als hij speelt is hij stil en geconcentreerd. Soms gaat het mis en is het gelamenteer niet van de lucht, ‘hoe kan ik dat nou doen?’
Van Erik weten we nu dat hij zich ontwikkelt heeft tot een vervaarlijke tegenstander, bij Ad zat het er aan te komen. Maar het wanneer liet op zich wachten.
Gisteren zaten wij als laatsten van de onlinespeelavond nog naast elkaar te skypperen en hoor ik naast me vol verbazing en ongeloof over eigen kunnen, ‘nou heb ik er weer een gewonnen en staan ik derde, Hee Wolter heeft net zoveel punten als ik en die staat tweede...’
Dat zegt een man met ambitie.
Proficiat Ad met je mooie prestatie en echt leuke partijen om na te spelen!
Rob Graaff
- Details
Gisteravond, dinsdag 28 april, is Alexander Münninghoff overleden na een ziekbed van enkele maanden. Ik mocht hem een keer in de jaren 80 via het duo Bakker/Zwart in de bar van De Moriaan ontmoeten. Wij speelden een vluggertje, het was gezellig en er werd gerookt en gedronken. Hij was binnen de schaakwereld een journalistieke autoriteit. Toevallig schafte ik een paar maanden geleden de door Münninghof geschreven biografie (1994) aan over Hein Donner (1927-1988). Een prachtboek dat prettig leest en een treffende weergave is van het bekende narcistische gedrag van Donner. Ook een boek met enkele ontboezemingen over de jeugd van Donner, bijvoorbeeld dat hij op het gymnasium twee keer was blijven zitten en twee keer een klas had overgeslagen. Dergelijke extremen waren typisch voor Donner, ook in zijn toernooiresultaten. Toevallig las ik het boek afgelopen zondag uit. En toevallig las ik onlangs dat binnenkort de Hein Donner-biografie in het Engels wordt uitgegeven. Een boeiend boek dat naast De Koning (1987 Krabbé/Pam) eigenlijk niet mag ontbreken in je schaakverzameling. WL